De puberteit is op zich al een lastige periode. Maar als een tiener ook nog te maken krijgt met verlies in de directe omgeving, wordt het helemaal zwaar. Hoe kun je zo’n puber het best begeleiden?

Jongeren hebben hetzelfde besef van de dood als volwassenen. Ze weten dat iedereen doodgaat en dat de dood onomkeerbaar is. Maar dat wil niet zeggen dat ze op dezelfde manier rouwen als volwassenen. Het is een normale reactie voor een puber om zich af te sluiten, om een muur om zich heen te bouwen. Als puber wil je bij je leeftijdsgenootjes horen en niet uit de toon vallen. De meeste rouwende pubers praten daarom liever niet over hun gevoelens, ook omdat ze bang zijn om opeens in huilen uit te barsten. Ook thuis sluiten ze zich vaak af.

Volwassenen hebben vaak al meer sterfgevallen meegemaakt. Ze weten dat de pijn na verloop van tijd iets meer naar de achtergrond zal verdwijnen en dat het langzaamaan beter zal gaan. Maar ook dat het verdriet op onverwachte momenten opeens weer in alle hevigheid naar boven kan komen. Jongeren hebben deze ervaring nog niet. Zij worden overspoeld door gevoelens van verdriet, boosheid en angst. Hun gebrek aan ervaring maakt het rouwproces extra beangstigend en verwarrend. En als je er dan ook nog eens niet over praat, is het best veel om in je eentje mee te worstelen.

 

Zes tips om een rouwende puber te helpen

  1. Een puber heeft er behoefte aan te weten wat er precies is gebeurd. Wees daar zo open mogelijk over. Betrek hem direct na het overlijden zoveel mogelijk bij het afscheid. Als hij het wil, geef hem dan een taak. Zoals een mooi gedicht zoeken voor de uitvaart of het regelen van de bloemen.
  1. Breng ook na de uitvaart de overledene nog vaak ter sprake, ook al reageert de puber daar niet op. Zo laat je weten dat de overledene nog steeds belangrijk voor jullie is en dat zijn of haar naam genoemd mag blijven worden. Haal ook niet te snel de persoonlijke spullen weg.
  1. Dwing niet om te praten, maar geef wel de gelegenheid. Laat, ook enige tijd later, weten dat je er bent en dat de rouw er nog steeds mag zijn. Geef informatie over het rouwproces. Vertel bijvoorbeeld dat het normaal is dat het verdriet opeens weer naar boven kan komen.
  1. Ga regelmatig samen leuke dingen doen. Het is vaak makkelijker voor een puber om het gesprek te openen als je samen een activiteit doet of bijvoorbeeld naast elkaar in de auto zit.
  1. Let erop dat hij de dingen blijft doen die hij voorheen ook deed, zoals afspreken met vrienden en uitgaan. Als hij zich terugtrekt uit het sociale leven, trek dan aan de bel. Let ook op dat hij niet opeens een andere – te verantwoordelijke – rol op zich gaat nemen in het gezin (bijvoorbeeld als er een ouder is weggevallen).
  1. Jongeren vallen liever niet uit de toon bij hun vrienden. Heeft de puber het gevoel anders te zijn, of mist hij aansluiting omdat zijn vrienden heel andere dingen belangrijk vinden? Dan is een gespreksgroep met leeftijdsgenoten die ook iemand hebben verloren wellicht een goed idee. Wijs ook op online fora en websites, zoals www.achterderegenboog.nl/forum en www.voorjongehelden.nl

 

Geraadpleegde bronnen:

www.in-de-wolken.nl – www.opvoedadvies.nl/rouw – www.achterderegenboog.nl- www.opvoeden.nl – www.rietfiddelaers.nl

 

Tekst: Frieda Zieleman

 

Sad teenager girl depressed sitting in the floor of a bridge on the beach at sunset

Sad teenager girl depressed sitting in the floor of a bridge on the beach at sunset

 

Als vrouwen met vage klachten naar de huisarts gaan, denkt die niet meteen aan hartproblemen. Daar moet verandering in komen, vindt vrouwencardioloog Angela Maas van het Radboudumc in Nijmegen. Professor Angela Maas is gespecialiseerd in het vrouwenhart. Ze maakt zich sterk voor een eigen benadering en behandeling van hart- en vaatziekten bij vrouwen. “Al sinds […]

Het leven ten volle benutten, hoe doe je dat? Maurice Wiegman (49) kwam door een spierziekte op 36-jarige leeftijd in een rolstoel terecht. Hij stond voor de keuze: ga ik lijden aan een handicap, of leven met een handicap? In zijn boek Leven is een keuze vertelt hij over zijn weg naar geluk en succes, […]

Het lijkt een paradox, eenzaam zijn in Nederland. We zijn immers een van de dichtst bevolkte landen ter wereld. Toch ervaren 1,2 miljoen Nederlanders een ernstig gemis van verbondenheid met een ander. Hoe komt het dat er zo’n grote groep eenzamen is in ons land? En wat kunnen daaraan doen?

Eenzaamheid is een persoonlijk gevoel dat is gebaseerd op een bepaalde verwachting. Het kan best zijn dat iemand veel relaties heeft, maar dat hij of zij zelf teleurgesteld is over het aantal of over de kwaliteit ervan. We spreken dan over emotionele eenzaamheid. Dat is iets anders dan sociale eenzaamheid, waarbij je onvoldoende contacten hebt met mensen met wie je je echt verbonden voelt omdat ze dezelfde belangstelling hebben.

Oorzaken

De traditionele leef- en werkverbanden waaraan mensen hun identiteit en sociale steun ontleenden, vallen steeds verder uiteen. Maar niet iedereen beschikt over de nodige competenties om een eigen netwerk te onderhouden. De laatste decennia is de samenstelling van de Nederlandse huishoudens ook sterk veranderd. De gezinnen zijn kleiner geworden en er zijn meer alleenstaanden. Daarnaast hebben we te maken met vergrijzing. Ouderen vormen een grote groep eenzamen. En tot slot zien we een verschuiving van een zorgmaatschappij naar een participatiemaatschappij. Mensen zijn daardoor steeds meer op zichzelf aangewezen.

Negatieve effecten

Eenzaamheid en sociaal isolement vormen een groot maatschappelijk probleem. Uit onderzoek blijkt dat eenzaamheid en sociaal isolement sterk samenhangen met lichamelijke en psychische klachten, zoals depressie, slaapproblemen en verminderde afweer. Vanwege die gezondheidsklachten doen eenzame mensen bovendien vaker een beroep op de gezondheidszorg. Eenzaamheid en ziekte lijken elkaar te versterken.

De overheid en maatschappelijke initiatieven

Niet voor niets staat het bestrijden en voorkomen van eenzaamheid hoog op de agenda van het ministerie van VWS. Gelukkig zijn er in het hele land al talloze initiatieven van professionals en vrijwilligers. De meeste hebben tot doel de eenzame medemens tot actie aan te sporen en hem erbij te betrekken. Uit onderzoek blijkt dat eenzamen zich minder eenzaam voelen als ze zelf vrijwilligerswerk doen. Het aantal sociale contacten vermeerdert hiermee immers direct, net als het gevoel van betekenis te zijn in de maatschappij. Onder andere Humanitas, het Ouderenfonds, het Leger des Heils, het Oranjefonds en Resto VanHarte zetten zich in om eenzaamheid te bestrijden.

Internet en sociale media

Een andere ontwikkeling die bijdraagt aan de oplossing van eenzaamheid, is de digitalisering en de opkomst van sociale media. Het internet functioneert onder andere als communicatiemiddel om op afstand tegen lage kosten met elkaar te praten met videobeeld. Er zijn op internet ook sites te vinden die als doel hebben vrienden in het echte leven te maken. Daarnaast zijn er sites speciaal gericht op lotgenotencontact. Een aantal voorbeelden:

www.actief4weduwe.nl

www.vriendschapsnet.nl

www.gewoonvriendschap.nl 

Tekst: Pieter van de Rest

eenzaamheid-2

Lonely senior man looking at the window

Lonely senior man looking at the window

Bewaren

Op 2 november gedenken we wereldwijd de zielen van overleden dierbaren. Sinds de twaalfde eeuw heet deze dag Allerzielen. Omdat verlies een onlosmakelijk deel van het leven is, is Allerzielen dan ook een dag om het leven te vieren.

Allerzielen is de dag waarop de rooms-katholieke kerk de zielen van overledenen herdenkt. Sinds de twaalfde eeuw gebeurt dit een dag na Allerheiligen. Het feest van de zielen wordt overal ter wereld gevierd. Traditioneel katholieke landen, zoals Italië, Spanje, Portugal en heel Latijns-Amerika, besteden er de meeste aandacht aan.

Ook dit jaar zullen op diverse plaatsen in het land weer bijeenkomsten plaatsvinden rondom 2 november. Deze bijeenkomsten zijn niet altijd gebonden aan het katholieke geloof. De
(begraaf)plaats waar Allerzielen wordt gevierd, is een gastvrije en serene ontmoetingsplek voor iedereen. De bijeenkomsten worden vaak opgeluisterd met eten en drinken, sfeervolle verlichting, indrukwekkende vuren en uiteenlopende kunstvormen.

jb-allerzielen4

 

 

Bij het bankje onder de appelboom waar opa zo graag zat, op de zee waar hij jarenlang als visser actief was, in het bos waar hij zo graag wandelde… Het is voor nabestaanden meestal niet moeilijk om een mooie plek te bedenken waar zij de as van hun overleden dierbare willen uitstrooien. Maar kan dat zomaar overal?

Na de crematie wordt de as bewaard in een asbus. Deze wordt in een algemene nis in het crematorium geplaatst voor een wettelijk verplichte bewaarperiode van 30 dagen. Die periode kunnen de nabestaanden gebruiken om de juiste beslissing te nemen over de uiteindelijke bestemming. Ook hebben ze zo tijd om te bekijken of de overledene hier zelf iets over gezegd heeft in zijn testament. Voor die uiteindelijke bestemming zijn er een aantal mogelijkheden, zoals bijzetten in een columbarium, verwerken in een mooi herdenkingssieraad of thuis in een urn op de schoorsteenmantel zetten. Je kunt er ook voor kiezen om de as te verstrooien, waarbij er ook weer veel verschillende opties zijn met betrekking tot de plek en de methode.

Op land

De meeste crematoria en begraafplaatsen hebben een strooiveld waar de as verstrooid kan worden. Op een andere plek verstrooien mag ook, maar alleen als je toestemming hebt van de grondeigenaar. In de eigen achtertuin is dus geen probleem. Veel gemeenten hebben ook speciale plekken aangewezen waar as verstrooid mag worden, bijvoorbeeld in een natuurgebied. Dit staat beschreven in de Algemene Politie Verordening (APV). Ook de Stichting Natuurlijk Herdenken weet precies welke mogelijkheden er zijn met betrekking tot verstrooien in de natuur.

Over water

Verschillende rederijen verzorgen uitstrooiing op zee. Je kunt kiezen voor een ceremonie waarbij de familie aanwezig is, of je kunt de as laten verstrooien zonder dat je er zelf bij bent. Het is ook mogelijk om de as in een (natuurvriendelijke) urn overboord te zetten. Afhankelijk van het materiaal blijft de urn even drijven. Daarna verdwijnt hij langzaam onder water richting zeebodem. Uiteindelijk lost de urn op en zal de as zich in het water verspreiden. Ook op binnenwateren, zoals grote meren en rivieren, is het meestal toegestaan om as te verstrooien.

Vanuit de lucht

De as kan ook vanuit een vliegtuig verstrooid worden. Voor verstrooiing boven land geldt wederom dat er toestemming van de grondeigenaar nodig is. Dit kan dus alleen als je van tevoren heel precies kunt inschatten waar de as terechtkomt. De meeste verstrooiingen vanuit de lucht gebeuren dan ook boven zee. De familie kan toekijken vanaf het strand en soms is het mogelijk dat enkele familieleden mee gaan in het vliegtuig.

In de wolken

Sinds een paar jaar kun je ook kiezen voor ballonverstrooiing. Nabestaanden laten ballonnen gevuld met de as en helium los op een mooie plek en kijken ze na terwijl ze opstijgen naar de wolken. Op ongeveer 25 kilometer hoogte wordt de druk op de wand van de ballonnen zo groot dat ze knappen. De as verspreidt zich vervolgens over de vier windstreken. De ballonnen zijn biologisch afbreekbaar en de as is niet traceerbaar.

Tekst: Frieda Zieleman

asverstrooiing

Het komt maar al te vaak voor dat familieleden geen idee hebben van de wensen van hun dierbare in de laatste levensfase. Praten over de dood en de aanloop ernaartoe voelt ongemakkelijk, zeker als het nog niet zo ver is. Met een levenstestament kun je met een gerust hart uitburgeren.

De term ‘uitburgeren’ is in 2002 door hersenonderzoeker Dick Swaab in het leven geroepen om mensen aan te sporen al jong na te denken over allerlei zaken rondom hun eigen dood. Sindsdien heeft het begrip een enorme vlucht genomen. Mede doordat we steeds ouder worden en daardoor meer gebreken krijgen, is de behoefte om die laatste fase in ons leven goed te regelen ook groter geworden.

Het levenstestament

Het levenstestament maakt het mogelijk om al in een eerdere fase je wensen en behoeften inzichtelijk te maken. Niet het overlijden, maar het moment dat iemand zelf geen beslissingen meer kan nemen vormt in dit type testament het ijkpunt. Dat kan zijn door bijvoorbeeld een plotseling ongeluk, een beroerte of doordat iemand in coma raakt. Een levenstestament treedt dus in werking als iemand nog leeft. In het testament wordt een vertrouwenspersoon benoemd aan wie de wensen vooraf kenbaar zijn gemaakt. Deze persoon behartigt de belangen zodra het nodig is.

Testament of codicil

Het levenstestament neemt voor nabestaanden veel onduidelijkheden weg en is een goede aanvulling op een normaal testament waarin je aangeeft wat er met de nalatenschap moet gebeuren. Naast een testament is het mogelijk om zelf een codicil op te stellen. Een codicil is een handgeschreven testament waarvoor je niet naar een notaris hoeft, maar dat wel aan een aantal eisen moet voldoen, zoals een handtekening en een datum.

Op een rijtje

Zet tijdens je leven in elk geval een aantal belangrijke zaken op een rijtje. En zorg ervoor dat de omgeving hiervan ook op de hoogte is, of dat men weet waar het document ligt. Dat geldt overigens ook voor uitvaartwensen. De praktijk wijst uit dat nabestaanden tijdens het afscheid niets liever willen dan eer doen aan de overledene. Kortom: je bewijst je dierbaren geen grotere dienst dan je wensen en behoeften inzichtelijk te maken.” Uiteraard kun je je uitvaartwensen ook met je uitvaartverzorger doornemen en vastleggen.

Tekst: Marianna Wesselink

Dromen over de dood en overleden dierbaren is soms angstig, maar kunnen in werkelijkheid veel vertellen over je innerlijk.

Wat dromen precies zijn en welke processen zich in het brein afspelen als je droomt, daarover is weinig bekend. Wat weten we wel? Dat je beelden, geluiden, gedachten en gevoelens ervaart in je slaap. En dat dat vooral voorkomt tijdens de remslaap. De letters ‘rem’ staan voor rapid eye movement (snelle oogbeweging). In deze slaapfase maak je snelle oogbewegingen, zijn de hersenen net zo actief als wanneer je wakker bent en zijn de spieren volledig ontspannen. Tot zover de ‘technische’ kant van dromen.

Droomtheorieën

Er bestaan diverse visies over de mentale kant van dromen. Elke cultuur heeft zijn eigen theorie. Volgens indianen kom je door te dromen in contact met de geestelijke wereld. Boeddhisten zien dromen als illusies van de geest. En ook de moderne psychologie heeft zo zijn theorieën, met Sigmund Freud als grote pionier. In de klassieker Die Traumdeutung (1900) legde hij zijn visie op dromen vast. Volgens Freud zijn dromen ‘de koninklijke weg naar het onbewuste’ en vervullen ze onbewuste (seksuele) wensen. Dromen bevatten volgens hem een geheime kant die verklaard dient te worden om ze te kunnen begrijpen: droomduiding. 

Worden wie je bent.

Tijdgenoot, vriend en volgeling van Freud, Carl-Gustav Jung, zag dromen meer als de weg om te worden wie je eigenlijk bent. Omdat hij veel reisde, kwam hij in contact met uiteenlopende culturen. Hij ontdekte dat bepaalde thema’s in dromen in al die culturen overeenkomen en creëerde het idee van een ‘collectief onbewuste’. De onderwerpen in dit collectieve onbewuste zijn voor iedereen hetzelfde, zoals je dat ziet in mythen, sprookjes en dus ook in dromen. Om dromen te kunnen duiden, maakte hij gebruik van zogeheten droomsymbolen.

Symbolische waarde

Jacqueline Voskuil (46) is droomdeskundige en noemt zichzelf ‘een Jungiaan’. Volgens Jacqueline hebben dromen een symbolische waarde en kun je door het duiden ervan de vinger op de zere plek leggen in situaties in het dagelijks leven. Jacqueline: “Neem nou dromen waarin je overleden vader vanuit zijn graf roept: ‘Ik heb het koud’ of ‘Ik hoor hier niet’. Daar kun je danig van in de war raken als je de symboliek niet begrijpt. In dit type droom staat de overledene symbool voor de dromer zelf. De dromer zelf weet zich even geen raad met het leven. Kan zelf geen warmte voelen, ervaart de wereld als koud en kil en vraagt zich af of dat ooit nog goed komt.”

Een proces in jezelf

Jacqueline: “Dromen over de dood hebben bijna nooit met de werkelijke dood te maken, maar meestal met het loslaten van een situatie. Zoals bijvoorbeeld de droom van een moeder waarin ze haar elfjarige zoontje in een kist ziet liggen. Zij is heel verdrietig, de mensen die ook bij de kist staan troosten haar niet en lijken ongeïnteresseerd. Gelukkig is het dan maar een droom en ook nog een leerzame. Wat bleek? In het dagelijks leven had zoonlief gezegd dat hij best zelf naar school kan fietsen. Dat vond deze moeder heel erg moeilijk. Ze moest loslaten en accepteren dat ze hem niet meer altijd en overal kan beschermen, dat hij een volgende stap zet naar zelfstandigheid. Deze droom geeft zelfs aan dat ze verder is met loslaten dan ze zelf dacht. De ongeïnteresseerde mensen in haar droom zijn een stukje van haar eigen innerlijk. Zij maken zich niet druk, oftewel: je vertelt jezelf dat het goed komt.”

Dromen geven dus eigenlijk een proces in jezelf weer. Het zijn beelden die voor iedereen op maat gemaakt zijn. Jacqueline: “Handelingen van overledenen in dromen staan vaak voor iets wat je zelf zou moeten doen. Het is een moeilijke manier van een boodschap aan jezelf overbrengen.”

Tekst: Esther van Riesen 

Als kind denk je dat je ouders het eeuwige leven hebben. Maar er komt een moment waarop je tot de ontdekking komt dat ze oud en broos worden en het einde misschien wel dichterbij is dan je denkt of hoopt. Tijd voor een goed gesprek.

Ik zit in de auto en ben stiekem best wel zenuwachtig. Vandaag ga ik met mijn ouders praten over hun levenseinde. Een gesprek dat ik al heel lang uit de weg ga. Van mijn partner weet ik precies wat hij wel en niet wil. Maar van mijn ouders? Ja, ze beginnen er wel eens over. Als ze weer eens bij een begrafenis van een van hun vrienden of familieleden zijn geweest. En dan maken ze ook wel opmerkingen over hun eigen uitvaart, maar die wuif ik dan altijd lachend weg. Doe niet zo raar. Zo ver is het nog lang niet! De afgelopen periode heb ik in mijn vriendenkring geïnformeerd. We zijn allemaal veertigers en hebben ouders die in de zeventig zijn. Eigenlijk komen de verhalen in grote lijnen op hetzelfde neer. We weten wel dat onze ouders niet het eeuwige leven hebben. Sterker nog, we weten dat dat einde wel eens dichterbij zou kunnen zijn dan we denken. Maar we praten er liever niet over.

Alles geregeld

Nu ga ik dus naar mijn ouders toe om alles, maar dan ook alles, door te spreken. Ik zie er tegenop. Mijn ouders daarentegen, lijken opgelucht als ik aankom. Op de tafel liggen verschillende stapeltjes papieren klaar en mijn moeder steekt meteen van wal. “In feite is alles geregeld, maar je moet natuurlijk wel weten wat dat precies is en waar je het kunt vinden.” Mijn vader pakt het eerste papier. “Dit is het laatste wensen formulier’

Daarin hebben we al in grote lijnen aangegeven wat we wel en niet willen. Het grootste deel van de kosten wordt gedekt door de verzekering, maar het zal niet genoeg zijn. Daarom staat er op onze spaarrekening nog een bedrag voor de extra kosten. We willen allebei graag gecremeerd worden, en de uitvaartdienst moet sober. Geen poeha, geen kerk, geen uitgebreide koffietafels. We hebben altijd sober geleefd, zo willen we ook gaan.”

Hele zorg minder

Zo, dat is eruit. Ik kijk naar mijn moeder. Ze knikt en glimlacht. “Ik vind het fijn dat je hier bent om erover te praten. Het geeft ons zo veel rust om te weten dat alles goed geregeld is. Ik hoop dat we nog heel lang leven, maar er komt een keer een einde aan, dat weten we allemaal. Ik weet niet wie van ons het eerst zal gaan, dus daarom moesten we samen al het nodige regelen. Maar het is ook prettig om te weten dat jij, als onze oudste dochter, ook weet wat we wel en niet willen. Als er nu iets met je vader zou gebeuren, weet ik niet of ik sterk genoeg ben om alle beslissingen te nemen die dan moeten worden genomen. Hetzelfde geldt voor je vader. Het is voor ons een hele zorg minder dat jij nu ook weet wat er moet gebeuren.”

Adressenlijst

En dus gaan we verder met de stapeltjes papieren die op de tafel liggen. Het testament waarin geregeld is dat de partner die achterblijft in het huis kan blijven wonen, de polissen van de levensverzekeringen en pensioenen, papieren van de hypotheek, een overzicht van de maandelijkse vaste lasten. Er is zelfs een lijstje waarop staat hoe de meest dierbare bezittingen van mijn ouders tussen mij en mijn broer moeten worden verdeeld. “Dan hoeven jullie daar alvast geen ruzie over te maken”, grapt mijn vader, verwijzend naar de vele kibbelpartijen die mijn broer en ik in onze jeugdjaren hadden. Alles zit in keurige mapjes met stickers erop die duidelijk aangeven wat erin zit. Er is zelfs een complete adressenlijst van iedereen die een rouwkaart moet ontvangen.

Opgelucht

Het gesprek duurt uiteindelijk niet eens zo heel lang. Ik had me voorbereid op emoties en moeizaam geformuleerde zinnen, maar het ging juist heel gemakkelijk. Ik merk dat ik zelf eigenlijk ook wel opgelucht ben dat het onderwerp nu op tafel is geweest. Met een tevreden gevoel rijd ik naar huis. Het levenseinde van mijn ouders is opeens niet meer iets dat als een soort dreigend zwaard van Damocles boven mijn hoofd hangt. Ik ben er niet meer bang voor, omdat ik weet wat me dan te doen staat. En tot die tijd kunnen we genieten van het leven samen.

to-be-magazine-praten-over-de-dood

Tekst: Antoinette Jacobs

De dood bespreken met kinderen is lastig, maar het duo Bette Westera en Sylvia Weve is het gelukt. En dat heeft hun samen dit voorjaar de Woutertje Pieterse Prijs op geleverd voor de prachtig geïllustreerde poëziebundel Doodgewoon en tijdens de afgelopen Kinderboekenweek mocht Bette Westera ook nog eens de Gouden Griffel in ontvangst nemen. De jury: ‘Bette Westera heeft met Doodgewoon een schitterende, ongekend rijke bundel doodslyriek geschreven, waar verdriet, verwondering, opstandigheid, berustging en woede onder woorden worden gebracht.’ Westera houdt er een subtiele luchtigheid op na in haar gedichten die een nieuwe dimensie geeft aan de verschillende facetten van de dood. Alles komt aan bod: hoe erg je iemand kunt missen, waarom jonge mensen ook doodgaan en waar je naartoe gaat naar de dood. Westera’s poëzie gecombineerd met de bijzondere illustraties van Weve laat zien dat sterven bij het leven hoort en daarom eigenlijk doodgewoon is.

Doodgewoon – B. Westera & S. Weve – € 25,95 – Uitgeverij Gottmer